Steekkaart G GRAAL

 

Lucas Mariën. Augustus 2021.

 

GRAAL. Zie ook Steekkaart: misvatting i.v.m. procureur De Heem.

Deze steekkaart wordt vermeld in mijn nieuwe boek – dat nu binnenkort eindelijk zal verschijnen – hout vasthouden. Ze speelt een rol in wat ik mediale polyfonie noem, het procedé van het vermengen van media.

De graalridder Parsifal op weg naar de ‘stad op de heuvel’ (rechts, in het licht van de opgaande zon). Het glasraam dat Van Cauwelaert hoogst symbolisch cadeau kreeg van zijn ‘vrienden’ bij zijn vijftigste verjaardag. Het optimistische maar toch enigszins intelligente gelaat van de ridder zou een portret van de politicus kunnen zijn.

Deze foto is genomen in de leeszaal van het Archief en Museum van het Vlaams Cultuurleven in Antwerpen, wat nu wellicht anders heet, de leeszaal zal zó ook wel niet meer bestaan. Einde jaren ’80. Indertijd nog met gebrekkige apparatuur gefotografeerd.

***

Ter gelegenheid van zijn vijftigste verjaardag in 1930 – vier jaar voor de diefstal, kreeg Frans van Cauwelaert van zijn ‘vrienden’, allemaal christelijke prominenten en steunpilaren van het systeem, een ‘kunstbrandglasraam’ cadeau dat, zo schrijft een van die ‘vrienden’:

‘in een rijke schakering van kleuren een ridder voorstelt, zwaar geharnast, (…) de blik begeesterd gericht op de burcht, uittrekkend ter verovering van de Heilige Graal.’[1]

Dit alles werd nog eens in herinnering gebracht in een door dezelfde ’vrienden’ samengesteld gedenkboek dat hij twintig jaar later cadeau kreeg, in 1950.

De graalridder belichaamde ‘het katholiek levensideaal’, staat daar verder in te lezen, ‘waarvan hij (dit wil zeggen van Cauwelaert; LM) zich, in héél zijn leven, de dienaar heeft gemaakt: de kampende graalridder’[2].

 

Op zoek naar symbolen en verhalen die het mediëvalistisch project kleur konden geven werd vaak teruggegrepen naar een ridderromantiek. Trefwoorden: chevalerie, graal, tempeliers, de  door Wagner gekatholiseerde Parsifal, kruistocht… 

Het graal-complex behelsde onder andere een beeldprogramma dat ook voor Hitler gebruikt werd. Die te paard, in een glanzend harnas, werd afgebeeld op het bekende schilderij van Hubert Lanziger, gemakkelijk te vinden op het internet. Ook de Rex-beweging van Léon Degrelle gebruikt het beeld van de graalridder op affiches en dergelijke.

De ridder is op weg naar de burcht op de heuvel, anders gezegd de graalsburcht. Mijn medewerkster Eurykleia Coloratuur heeft het openbare smachten van de  huidige Tartufistaanse operettekoning  Filips III naar de ‘stad op de heuvel’ besproken in een bijdrage op de Paradigma-website. https://hetparadigma.eu/2020/02/09/dike-anti-ursula/

 

Ik meen dat Eurykleia  erop gewezen heeft dat het staatshoofd Filips III  een staatsvijand is die –  zoals zijn oom  Boudewijn en zijn grootvader Leopold III  – alleen maar zit te wachten op een gelegenheid  om de nu nog meer liberale ‘democratie’ op te doeken en te vervangen  door een christelijke heilsstaat.

Tekenen en symbolen, daar houden de rattenvangers van: van subtiele, symbolische openbare boodschappen die toch alleen maar voor ingewijde geestesgenoten bestemd zijn en die het gewone volk niet begrijpt. Zulke ‘openbare geheimen’ versterken het elite-gevoel dat in de jaren twintig theoretisch gefundeerd werd door Carl Schmitt – zijn doorgeefluik naar Huichelarije was Victor Leemans. Een andere naam is Edgar Julius Jung, die een boek schreef over de dominantie van de minderwaardigen, ‘Herrschaft der Minderwertigen’ (1927). Het kwam geen ogenblik bij ze op dat zij die minderwaardigen zouden kunnen zijn.

In een agendaatje dat door de Katholieke Actie werd uitgegeven en dat onder andere verspreid werd aan het Klein Seminarie van Hoogstraten staat op 11 april 1935 een soort motto van Frans van Cauwelaert: ‘De Meester gaf den ontwikkelden de opdracht de geestelijke rentmeesters over Zijn volk te zijn.’

Typisch is die naamval, de datief ‘den ontwikkelden’, die in het Nederlands ook toen al obsoleet was. Maar deze ridders wilden hun Schoonvlaams zo Duits mogelijk laten klinken.

Concreet is de graalromantiek een onderdeel van dat fictieve, geïdealiseerde, nostalgische verhaal van die ‘gezonde’ maatschappij van de middeleeuwen waar we opnieuw naartoe zouden moeten. Precies dié wereld waarop de DUA- brieven bij herhaling alluderen.

 

Ook Arsene Goedertier werd in een grafrede geattesteerd dat hij een ‘caractère chevaleresque’ had gehad en op de achterkant van zijn doodsprentje[3] werd beweerd dat ‘sa nature chevaleresque’ zich nooit verloochende.

Een actuele parallel: het ‘gedicht’ The Hill We Climb dat door Amanda Gorman werd voorgelezen bij de installatie van Jozef Biden als president van de Verenigde Staten. Weer Amerika, zoals Filips III dat begrijpt, als de stad op de heuvel. De min of meer ontwikkelde Europeaan ziet hier weer eens een mooi symbool voor de Verenigde Staten in de kunstwereld: na Baudelaire, Rilke en Hölderlin terug naar Amanda Gorman, het kleuterschoolniveau van de poëzie.

 

Een reminiscentie die te interessant is om ze op deze plaats helemaal niet te vermelden –

Hilda Leynen was lange tijd een van de bekendste amateurdetectives in de Rechters-affaire. Zij was een soort graalridder-es en ze maakte zich onsterfelijk doordat ze het dossier ‘Genter Altar’ van Oberleutnant Henry Koehn afkocht van diens weduwe. Nadat officiële instanties in België hun uiterste best hadden gedaan om dat dossier niét in hun bezit te krijgen. Een steekkaart Hilda Leynen wordt voorbereid.

 

[1]  Frans van Cauwelaert: Vriendenhulde. Antwerpen (De Vlijt) 1950. P. 47.

[2]  T.a.p.

[3] Gereproduceerd bij Mortier en Kerckhaert(2), p.154

 

***

 

Hitler als graalridder-Parsifal. Het bekende schilderij van Hubert Lanzinger: De Banierdrager.